bertus_grijdanus.png

Marrumers uit de historie

Frederik van Grovestins, schrik der Fransen

Frederik van Grovestins genoot in zijn tijd, het begin van de 18e eeuw, grote roem als militair. Hij was een zoon van Binnert Heringa van Grovestins, die 18 jaar grietman van Ferwerderadeel is geweest, en van Titia van Burmania. Hij werd op 17 oktober 1669 gedoopt in Marrum-Westernijkerk. Frederik groeide op Jeppemastate bij de kerk in Westernijkerk maar ging al op 14-jarige leeftijd in het leger.

In het leger was Frederik kapitein en ritmeester, totdat hij in 1697 zijn overleden vader opvolgde als grietman. Dit ambt bracht hem blijkbaar geen voldoening en toen in 1701 er oorlog met Frankrijk dreigde legde hij zijn ambt neer. Hij werd weer militair en werd benoemd tot kolonel van een regiment ruiters. Volgens historische bronnen was hij een dapper krijgsman maar ook een goede krijgskundige door zijn inzicht hoe de cavalerie beter gebruik kon maken van zijn geweren. Dit liet hij zien tijdens diverse ruitergevechten tegen de Fransen.

In 1709 nam hij deel aan de ooit bekende slag bij het noord-Franse plaatsje Malplaquet, waarbij troepen uit Groot-Brittanië, Oostenrijk en de Nederlandse Republiek streden tegen Frankrijk en diens bondgenoten. De Nederlandse ('Staatse') troepen werden geleid door de jonge prins Johan Willem Frederik van Nassau-Dietz, en in zijn gevolg zou Frederik van Grovestins grote dapperheid hebben getoond. De strijd was erg bloedig en hoewel de situatie heel precair werd voor de prins en zijn leger, werd uiteindelijk de slag gewonnen, maar door de grote verliezen, meer dan 20.000 gesneuvelden aan de kant van de overwinnaars, waren ze niet meer in staat om de achtervolging in te zetten. beker door staten generaal geschonken aan frederik van grovestins

Een aantal bisdommen in Noord-Frankrijk waren overeengekomen om bepaalde geldbedragen ('oorlogsschattingen') aan de Nederlanden te betalen, maar bleef daarbij in gebreke. Dat was de reden dat onder aanvoering van Frederik van Grovestins in 1712 een vergeldingstocht door Noord-Frankrijk werd gehouden.Hij was toen generaal-majoor en trok met 1800 man, velen van Friese afkomst, door de Champagnestreek, waarbij hij het platteland en steden als Metz, Toul en Verdun plunderde. In elke plaats werd oorlogsschatting geëist Steden en dorpen die weigerden te betalen werden in brand gestoken Op veel plaatsen werden gijzelaars genomen en meegevoerd. Het was een van de spectaculairste militaire operaties van de achttiende eeuw die een enorme schrik veroorzaakte in Noord-Frankrijk tot aan het hof van de Zonnekoning koning Lodewijk XIV in Versailles toe.Tijdens een korte onderbreking van de veldtocht heeft Van Grovestins persoonlijk van de gelegenheid gebruik gemaakt om zijn opwachting te maken bij de te Dietz verblijvende Marijke Muoi, regentes van Friesland.

Toen Frederik met zijn troepen was teruggekeerd in Bouchain kwam een Franse strijdmacht later dat jaar verhaal halen en dwong hem na grote verliezen tot overgave. Frederik werd krijgsgevangen gemaakt. Opmerkelijk is dat hij op zijn woord van eer drie maanden naar de Nederlanden mocht. Hij keerde terug maar werd na enkele jaren vrijgelaten.  In 1719 was hij gouverneur van Bergen-op-Zoom en in 1727 werd hij nog bevorderd tot luitenant-generaal der cavalerie.

Hij overleed op 30 november 1730 op 62-jarige leeftijd in Westernijkerk. Hij was ongehuwd.

Foto boven: detail van een schilderij van Claude du Bosc van de slag bij Malplaquet.
Foto rechts: gouden beker die Frederik van Grovestins van de Staten-Generaal kreeg na de overwinning van de slag bij Malplaquet. (uit het boek: Het present van Staat van George Sanders)

←terug naar overzicht