Snypsnaren

Brand in de oudjaarsnacht van 1985 op 1986

De jaarwisseling verliep in het verleden niet altijd rustig in Marrum. Tijdens de oudjaarsnacht van 1985-1986 ging er zelfs een pand in vlammen op. Het was het leegstaande pand Langebuorren 1, waar kapper Anne Andrae decennialang diverse generaties Marrumers heeft geknipt.

De Leeuwarder Courant meldde op 2 januari: Hier brak tegen kwart voor drie brand uit in een pand aan de Langebuorren, dat al enkele jaren leegstond. De brand begon volgens de politie, nadat brandend materiaal van een brandje naast het pand naar binnen werd gegooid. De brandweer van Ferwerd bestreed de brand en bemoeide zich er vooral mee, de naastliggende panden te beschermen. Het pand ging geheel verloren, maar omdat het een slooppand was, bleef de schade tot een minimum beperkt.”
Langebuorren1 kapperszaak anne andreae
een foto van het pand toen het nog in gebruik was bij kapper Andrae (de foto is afkomstig van facebookgroep Marrumers, waar Lieuwe Zwaagstra de foto geplaatst heeft).


Topjaar voor grasdrogerij Marrum

Net als dit jaar kende het jaar 1965 een groeizame zomer. Verschil voor Marrum is dat toen de grasdrogerij aan de Stasjonswei nog in bedrijf was, en deze kwam in 1965 op een productie van 5000 ton gedroogd produkt (LC 29-10-1965). De hele zomer zal de geur van het grasdrogen over het dorp hebben gehangen… 

De coöperatieve grasdrogerij begon in 1941. In 1969 verhuisde de drogerij naar de Botniaweg, waar hij tot en met 1981 in gebruik was.


Herberg Kopkewier in 1965 gesloopt

In deze snypsnaar kijken we weer 50 jaar terug: toen werd het besluit genomen om het pand waarin vroeger een herberg was gevestigd, te slopen. Dit berichtte de Leeuwarder Courant van 25 augustus 1965.

De oude herberg stond op de hoek van de Lage Herenweg en de Stationsweg. Vroeger stond hier een handjevol huizen en boerderijen, in een buurtschapje dat Kopkewier heette en bij Westernijkerk hoorde.

In 1965/1966, toen de slopershamer zijn werk deed, was de oude herberg al behoorlijk verpauperd.
(foto: Fries Fotoarchief van Tresoar)


50 jaar geleden: eerste bejaardenwoningen Marrum geopend

De Protestantse Stichting voor Bejaardenwoningen opende vijftig jaar geleden haar eerste woningen. Zestien woninkjes in Marrum waren er gebouwd, voorzien van centrale verwarming. De officiële opening vond plaats bij de woning van de heer J. van der Mossel.
Nog steeds verhuurt de Protestantse Stichting voor Bejaardenwoningen, nu PSBwonen genaamd, een behoorlijk aantal woningen in Marrum, niet alleen aan bejaarden en ook niet alleen meer aan mensen met een protestantse achtergrond.

Bovenstaand bericht stond in de Leeuwarder Courant van 14 juli 1965.


Oesters uit Marrum

De Leeuwarder Courant verschijnt sinds 1752 en alle kranten zijn via internet te raadplegen op dekrantvantoen.nl. Een van de oudste berichten waarin Marrum voorkomt is een opmerkelijke mededeling uit de krant van 12 november 1757: Alle die gene die gelieft gedient te zijn van Frissche beste Oesters, kan zig adresseeren alle Dingsdags, Donderdags of Saturdags aan het Marrumer-schip, 10 St. het 100 en opgemaakt 12 St., die genegen is kan maar een Korf of Potje zenden aan PYTTER BINDICTUS te Marrum, en worden alle dagen fris uit Zee gehaalt. 

Oesters uit Marrum? Blijkbaar was er een Marrumer visser die ze uit de Waddenzee haalde. Hoe hij de oesters van het wad heeft gehaald, lopend of met een klein bootje, is onbekend. Ze waren in ieder geval in Leeuwarden verkrijgbaar op dinsdag, donderdags en zaterdags bij het Marrumer schip. Hieruit is af te leiden dat er op die dagen vanuit Marrum een geregelde dienst van een schip was dat via de vaart en de Dokkumer Ee naar Leeuwarden voer. De oesters kostten 10 stuivers per 100 stuks, of 12 stuivers als de oesters klaargemaakt waren. Er kon ook een korf of potje aan de visser worden gestuurd, waarna deze gevuld met oesters werden geretourneerd.

De inheemse platte oester komt nu niet meer voor in de Waddenzee, maar in de 17e en 18e eeuw werd er zeer veel op gevist.(geplaatst op 10 juni 2015)


 

50 jaar geleden: bejaardentehuis in Marrum gaat dicht

 

 

Op 19 maart 1965 meldde de Leeuwarder Courant dat het bejaardentehuis dat in het Heephûs gevestigd was, dicht moest. 

Dit voormalige notarispand was vanaf circa 1915, nadat Louise Heep het pand aan de gemeente had geschonken, in gebruik als ’tehuis voor ouden van dagen’. 

 

 

 

 


 

100 jaar geleden: Marrumer militairen gemobiliseerd

100 jaar geleden woedde de Eerste Wereldoorlog. Nederland was neutraal, maar dat betekende niet dat deze periode hier ongemerkt voorbij ging. Het leger werd gemobiliseerd. Ruim 400.000 mannen zijn voor kortere of langere tijd onder de wapens. Vaak zijn ze jaren van huis en hebben slechts een enkele keer verlof. Ook een aantal Marrumers is gemobilieerd. Blijkbaar ontvangen zij lekkers van het damescomité dat in Marrum en Westernijkerk werd opgericht. In onderstaande advertenties (bron: dekrantvantoen.nl) van 6 en 8 maart 1915 bedanken de militairen hiervoor. Waar de militairen gelegerd zijn, wordt niet vermeld, mogelijk om de strijdende buurlanden niet wijzer te maken. Dergelijke damescomités hielden zich ook wel bezig met het breien en naaien van kledingstukken die naar de gemobiliseerde mannen werden gestuurd.

dankbetuiging-Marrumer-militairen-LC08031915 dankbetuiging-Marrumer-militairen-LC06031915 


Telefoonaansluiting Zuivelfabriek

In mei 1915, bijna honderd jaar geleden, stond de advertentie in de Leeuwarder Courant dat de Stoomzuivelfabriek in Marrum telefonisch aangesloten was, met nummer 1.

Betekent het nummer 1 dat de zuivelfabriek als eerste in Marrum een telefoonaansluiting had? Het lijkt er wel op. Eerder nog dan de huisarts? Het zou wel eens kunnen dat Marrum destijds geen eigen dokter had. En als die er wel was, had die natuurlijk niet zo veel aan een telefoonaansluiting als van zijn patiënten nog niemand telefoon had!

Aanvulling: uit informatie ontvangen van Tj. Walda blijkt dat in 1915 in Marrum inderdaad geen dokter woonde. In 1892 vertrok dokter Posthumus en pas omstreeks 1930 vestigde zich weer een huisarts in Marrum: dokter Dijstra.


1901: Marrumer verongelukt onder trein

Op 22 april 1901 startte de Noord-Friesche Lokoaal Spoorwegmaatschappij op de spoorlijn Leeuwarden-Ferwert met personenvervoer. Daarna zou het spoor verder doorgetrokken worden. Zo’n 6 weken na de start viel er bij de overweg in Westernijkerk een dodelijk slachtoffer te betreuren, zo is in het onderstaande artikel uit de Leeuwarder Courant te lezen. Het onfortuinlijke slachtoffer was Sybe Tietes Boersma uit Marrum. In het artikel wordt ook gepleit voor afsluitbomen. Deze zijn er nooit gekomen.
Wilt u hierop of op een ander bericht reageren? Of hebt u zelf een bericht voor de website? U kunt dat doorgeven via het mailadres: info@marrumonline.nl.


Groote Aardappelen!

Op 28 augustus 1863 bericht de Leeuwarder Courant over ‘groote aardappelen’ die op het bedrijf van landbouwer Jensma in Westernijkerk zijn geoogst. In een tijd dat er nog geen kunstmest bestond en waarin de aardappelrassen ook niet dezelfde waren als nu, was het een bijzonderheid. Uit het artikeltje blijkt ook elders dikke aardappelen gevonden werden dat jaar: 1863 moet een groeizaam jaar voor aardappelen zijn geweest.En hoeveel een ‘oude pond’ was? Waarschijnlijk iets minder dan 500 gram. En een mud aardappelen was ongeveer 70 kilo. (bron artikel: dekrantvantoen.nl)


Nota voor turf uit 1882 opgedoken

De webredactie kreeg een bijzonder documentje in handen van mevrouw Janny ter Beek uit Urk. Haar man had het gevonden tussen de bladzijden van een oud boek.

De tekst luidt:
Geleverd aan de jakenie van Marrum den 15de Nowember 1882 H Vennema 10 ton baggelturf
per ton 0,65  …………………………….is 6,50
van dragen en meten………………….   0,60
                                  zomme             7,10
    Voldaan den 19 December
       Johs S Roersma

Enig onderzoek leert dat Johannes Sytses Roersma destijds turfschipper was in Marrum. Hij was getrouwd met Wytske Mennes Wybenga; ze hadden geen kinderen.
Met ‘de jakenie‘ zal bedoeld zijn de diaconie, die de turf ongetwijfeld gebruikt heeft voor de armenzorg. Het was ten tijde van een grote landbouwcrisis dus er waren veel behoeftigen. Het betrof ‘baggelturf‘, dit was opgebaggerd veen, dat gedroogd en geperst werd. Niet de beste soort turf maar de armen moesten het er mee doen. H. Vennema was degene die de turf namens de diaconie betaald heeft aan turfschipper Roersma.